Overleg Commissie VWS

overleg inzake het gebruik van e-sigaretten in publieke ruimtes

Smoke4Fun BV, John van der Leeuw

Overleg Commissie VWS inzake het gebruik van e-sigaretten in publieke ruimtes


Op 15 februari 2017 behandelt de Vaste Commissie Volksgezondheid, Welzijn en Sport tijdens een overleg over het Alcohol- en Tabaksbeleid het onderwerp “Het gebruik van e-sigaretten in publieke ruimtes“.

Voor Acvoda was dit aanleiding om de leden van de Commissie te informeren over dit onderwerp en het rapport van het RIVM betreffende dit onderwerp toe te lichten.

Onderstaande brief is daarom aan de Commissie verstrekt. Tevens hebben we de Commissie gewezen op de recente publicatie van Cancer Research UK, waaruit blijkt dat langdurig gebruik van de e-sigaret net zo (on)schadelijk is als het langdurig gebruik van nicotine-vervangende-medicijnen.

L.S.,

Op 15 februari aanstaande behandelt u de tijdens het Algemeen Overleg onder andere het gebruik van e-sigaretten in de openbare ruimte. Ik stuur u dit schrijven om u te attenderen op een aantal belangrijke aandachtspunten met betrekking tot dit onderwerp.

Tijdens de behandeling van bovengenoemd onderwerp komt het onderzoek van het RIVM van 6 juli 2016 zeer waarschijnlijk ter sprake. In dit rapport wordt ingegaan op de risico’s die kunnen bestaan voor omstanders bij blootstelling aan de damp van een e-sigaret. (Apparaten waarin tabak verdampt wordt, zoals de recent geïntroduceerde IQOS, vielen buiten de scope van het onderzoek.)

De bevindingen uit dit rapport zijn onjuist en onvolledig gepresenteerd in de door het RIVM aangeboden publiekssamenvatting. De door de media overgenomen en verspreide conclusie heeft bij veel mensen voor een onjuiste interpretatie van het onderzoek gezorgd waardoor aan de inhoud van het onderzoek geen recht gedaan wordt.

Het rapport concludeert dat er bij regulier gebruik van een e-sigaret geen sprake is van enig reëel risico op schade voor omstanders. De publiekssamenvatting vergroot in zowel woord als in toonzetting de bevindingen echter onrealistisch uit.

In het RIVM onderzoek worden 2 worst case scenario’s geschetst.In het eerste worst case scenario wordt een kind (kinderen leveren immers sterkere parameters op) in een kleine ongeventileerde auto geplaatst samen met twee volwassen dampers die gedurende een uur elk om de twee minuten een trekje nemen. Dat dit dampgedrag in een auto op zich al zeer onwaarschijnlijk is en daarmee onrealistisch is, daar zal ik verder niet op ingaan. Dit scenario speelt daarnaast ook nog eens gedurende 7 dagen per week. Waarlijk een worst-case scenario.Voor wat betreft de veroorzaakte schade wordt er, in tegenstelling tot het gebruik van normale sigaretten, niet gesproken over zeer ernstige ziekten zoals longkanker, COPD of andere longaandoeningen. Zelfs bij dit worst case scenario is het risico vastgesteld op mogelijke “schade” in de vorm van een tijdelijk licht verhoogde bloeddruk en een verhoogde hartslag. Geen hartkloppingen dus. Tijdelijk verhoogde bloeddruk klinkt natuurlijk best eng, maar het zien van “de grote gele M” of brengt bij veel kinderen dezelfde reactie teweeg. Verder wordt er nog gesproken over “de mogelijkheid tot verhoging van de incidenties van tumoren” bij het gebruik van vloeistoffen met nitrosamines. Deze nitrosamines zijn in Nederland echter verboden, waardoor deze opmerking niet ter zake doet.

Het tweede worst case scenario betreft een kantoorsituatie. Hier dampt 1 persoon gedurende vier uur om de 30 seconden. Ook hier twijfelen we aan de haalbaarheid van deze aanname van het RIVM omdat bij dit soort dampgedrag naar mijn inzicht überhaupt geen tijd is om werk te verrichten. Zelfs in een thuissituatie is een dergelijk dampgedrag nauwelijks haalbaar. Blijkbaar hebben we het hier over een damper die meer dampt dan werkt. Maar goed, ook hier kan met recht gesproken worden over een worst case scenario. Maar, ook hier is er geen reële kans op ziekten of zelfs mogelijke kans op ziekten zo vertelt het onderzoek. Wel wordt er weer gesproken over de inmiddels verboden nitrosamines.

Kortom zelfs in worst case scenario’s is er geen sprake van enig acuut of zelfs reëel gevaar voor de volksgezondheid, aldus dit rapport. Dit staat dus haaks op de door het RIVM opgestelde publiekssamenvatting.

Waarom is het naar mening van stichting Acvoda zo belangrijk om verschil te maken tussen het gebruik van e-sigaretten en reguliere sigaretten in de publieke ruimte?

Uit diverse internationale onderzoeken blijkt dat de meeste rokers denken dat de e-sigaret even schadelijk of zelfs schadelijker is dan de gewone sigaret. Zij zien dan ook geen enkele reden om over te stappen op het dampen. Ze vinden het een raar apparaat, het levert veel commentaar op van andere rokers en als het dan ook geen aanzienlijke voordelen heeft voor je gezondheid waarom zou je dan overstappen is de gedachte.

Als de overheid de e-sigaret en de gewone sigaret op gelijke voet stelt wordt die foutieve gedachte alleen maar nog meer gevoed. “De e-sigaret zal wel net zo schadelijk zijn als de gewone sigaret anders zou de overheid geen maatregelen treffen” denkt men. Daarbij moeten diegenen die de overstap al wel hebben gemaakt, en dus van de schadelijke effecten van het roken van tabak verlost zijn, zichzelf nog meer verdedigen tegenover omstanders en rokers. De praktijk wijst uit dat die sociale druk voor veel dampers reden is om dan maar weer te gaan roken. Sociale acceptatie is tenslotte voor nagenoeg iedereen een zeer belangrijk goed.

Een andere reden waarom de gelijkstelling zeer ongewenst is, is dat ex-rokers – want zo mogen dampers toch echt genoemd worden- weer worden geacht tussen de rokers te gaan staan met alle daarbij behorende risico’s. Deze risico’s zijn niet alleen het inademen van de schadelijke rook van rokers waar zij nu eindelijk van verlost waren maar ook de terugval naar de gewone sigaret. Het zou bijzonder vreemd en zelfs verontrustend zijn als een overheid ex-rokers gaat verplichten schadelijke rook van anderen in te moeten ademen om de niet aangetoonde risico’s van e-sigaretten op omstanders te beperken.

Het duidelijk erkennen door de overheid dat elektronisch roken veel minder schadelijk is voor de gezondheid dan het analoog roken, middels het anders behandelen van de e-sigaret in de publieke ruimte, geeft een duidelijk signaal af.. Dit signaal zal ervoor zorgen dat meer mensen de overstap maken naar de e-sigaret, wat enorme gezondheidsvoordelen oplevert voor zowel de overstappers als ook de omstanders die de overheid juist wil behoeden voor de schadelijke effecten van het ongewild meeroken.

Het Royal College of Physicians heeft het over tenminste 95% minder schade bij gebruikers en het RIVM rapport concludeert geen schade voor meedampers. Dit geldt zowel voor de roker als voor de niet roker. Immers in ruimte waar geen rookverbod geldt worden er bij lagere aantallen tabaksrokers, ook minder niet-rokers blootgesteld aan de schadelijke gevolgen van tabaksrook. Dit geldt dus ook voor het kind op de achterbank van die kleine ongeventileerde auto, wiens ouders nog steeds gewone sigaretten roken omdat ze niet kunnen stoppen met hun verslaving en inmiddels door onjuiste informatie bang gemaakt zijn om over te stappen op de e-sigaret.

Stichting Acvoda is overigens van mening dat er situaties zijn waar het dampen ongewenst is zoals bijvoorbeeld op schoolpleinen, theatervoorstellingen of in restaurants. Wij denken echter dat dit middels huisregels, gebaseerd op juiste informatie, uitstekend geregeld kan worden.

Wij hopen dat u inziet dat het gelijktrekken van de behandeling van de e-sigaret en de reguliere sigaret in de publieke ruimte, veel meer na-, dan voordelen met zich meebrengt.

Dit nog afgezien van het feit dat er geen schade is aangetoond welke een dampverbod zou rechtvaardigen.

Namens Stichting Acvoda,

Hoogachtend,

James Young